Translate

vrijdag 23 februari 2018

Dit is geen recept. Gestoofde Perzische kip


Ik zet de dampende risotto op tafel en mijn huisgenoten kijken blij. We wonen al jaren samen in een studentenhuis, en dit is één van onze favoriete gerechten. Risotto met gerookte kip, paprika, chorizo en ham.

Ja: inderdaad. Dit is een risotto die ik nu echt nooit meer zou durven maken. Omdat het eigenlijk een soort van paella is, en toch ook niet. En omdat Italianen hier waarschijnlijk een flauwte van krijgen. Maar goed, dit verhaal speelt zich af in mijn studententijd: de tijd dat ik het koken pas net echt ontdekte en waarin ik nog uitgebreid experimenteerde met smaken (soms wat succesvoller dan anders).

"Joh wat is het toch lekker!" Enthousiast schept huisgenoot M. haar bord vol.

"Ja geweldig!" huisgenoot K. pikt met haar vingers vast een stukje chorizo van haar bord. "Mmm. Dit wil ik ook een keertje maken. Heb je voor mij het recept?"

Ik kijk haar aan. "Tuurlijk. Het is niet zo moeilijk. Even nadenken hoor. Uhmmm. Er zit dus paprika in, paprikapoeder, ik geloof iets van 100 gram chorizo, ennuh..... Ik dacht ongeveer 75 gram gerookte kip...."

K. kijkt me verbaasd aan. "Joh, geef me gewoon het recept. Je hoeft het niet uit je hoofd te doen."

"Ja, maar ik heb het uit mijn hoofd gedaan", leg ik uit. "Dus ik moet even nadenken wat ik ook al weer gedaan heb".

"Wat bedoel je? Uit je hoofd? Heb je dan geen recept?"

"Nou, geen recept, geen recept. Het is maar net hoe je het bekijkt" leg ik uit. "Ik heb gewoon allerlei lekkers bij elkaar gegooid. Als ik zo alles op een rijtje heb gezet voor jou, hebben we een recept".

"Maar, je hebt het dus zelf verzonnen?"

"Ja" Ik knik trots.

"Het is dus geen recept?"

"Nou....." Ik sputter wat.

"Laat dan maar zitten" zegt K. "Als het geen recept is, dan hoef ik het niet." En onverstoorbaar eet ze haar bord leeg.

**********************

Perzische kip 

Het recept van vandaag past goed bij de rijst van vorige week. Het is een echt recept. Echt waar. Want je leest het hier op mijn blog. En dus bestaat het. 


Wat heb je je nodig voor 4 personen?


  • 4 kippenbouten
  • 2 laurierblaadjes
  • sap van 1 uitgeknepen limoen
  • 4 fijngesneden tenen knoflook
  • 1 grote ui in ringen
  • 2 tl. gedroogde mint
  • 1 tl. gemalen zwarte peper
  • 1 tl. gemalen kardemom
  • 2 tl. gemalen kaneel
  • 1 tl. gemalen kurkuma
  • 1 tl. gemalen nootmuskaat
  • 1/2 tl. gemalen gedroogde limoen (toko)
  • 0,05 gr. saffraan
  • halve liter-1 liter kippenbouillon
  • 4 el. gehakte peterselie


Hoe maak je het klaar?

  1. Meng in een bakje de specerijen door elkaar: peper, kardemom, kaneel, kurkuma, nootmuskaat, en gedroogde limoen. 

  2. Bak de kippenbouten in een hapjespan aan totdat de kip bruin kleurt. Voeg dan het specerijenmengsel en de uien toe. Bak alles even mee totdat de kip en de uien in het specerijenmengsel bedekt zijn. 
  3. Voeg dan de knoflook toe en bak deze nog 1 minuutje mee.
  4. Schenk een halve liter bouillon met de limoensap in de pan bij de kip. Meng goed door, en voeg dan de laurier, saffraan, helft van de peterselie en de munt toe. 

  5. Laat dit alles lekker stoven op zacht vuur tot de kip van het bot dreigt te vallen. Mocht de kip droogkoken, voeg dan wat extra de bouillon toe. Niet te veel: want de saus moet langzaam indikken.
  6. Serveer de kip met wat van de saus en de gehakte peterselie. 




vrijdag 16 februari 2018

Een appelsap moment. En Perzische rijst met cranberry's.



Als ik vroeger als klein meisje vocht met mijn zussen, dan was het alles of niets. We trokken aan elkaars haren, knepen in elkaars vel, en zetten onze nagels heel diep in het lijf van de ander. Als jongste delfde ik regelmatig het onderspit, en dus werd het op enig moment een kwestie van vluchten: heel hard rennen naar de wc en op tijd de deur op slot zien te doen. Zeker als mijn middelste zus driftig werd. De tijd die zij nodig had om de koekenpan uit de keukenkast te trekken, was net voldoende om de gang in te rennen en met trillende handen het haakje er op te gooien. Om op de wc te wachten tot mijn ouders eindelijk thuis kwamen van de buren, van boodschappen doen of wat dan ook.

Als we vochten, dan was er niemand die bedacht "Hé, zullen we even pauze houden om wat appelsap te drinken?"
De appelsap kwam pas na het gevecht als we in het bijzijn van onze ouders net deden alsof we in hun afwezigheid heel lief hadden gespeeld. Terwijl het natuurlijk eigenlijk oorlog was. Zelfs al werd deze veroorzaakt door futiliteiten. Wie had aan de viltstiften van de ander gezeten? Wie had het laatste dropje gejat? Wie had stiekem op het knopje van de afstandbediening gedrukt waardoor we ineens naar de Hulk keken?

Het maakte allemaal niet meer uit als we na de appelsap met onze hockeysticks de straat op gingen om een wedstrijdje te spelen. Waar we ruzie om hadden gehad? We waren het alweer vergeten. Tot er enkele dagen later iets gebeurde waardoor we weer van voren af aan begonnen.

Waarom ik hier nu over begin? Nou, dat komt omdat ik hier ineens aan moest denken toen ik afgelopen weekeind naar de olympische spelen keek en me verbaasde over de aanwezigheid van de zus van Kim Jong-un op de tribune. Na meer dan vijftig jaar was zij het eerste lid van de familie van Kim die het Zuid Koreaanse land bezocht. Kim Yo-jong zat gemoedelijk tussen haar entourage te kijken naar de openingsceremonie van het grootste sportevenement dat toevalligerwijs wel op het grondgebied van aartsvijand nummer 1 plaatsvond.

Even bleek sport veel belangrijker dan jarenlange onenigheid. Even leken raketaanvallen verder weg dan ooit. Even bleek het mogelijk om met een gezamenlijk team te ijshockeyen voor een gemeenschappelijk doel. En om gezamenlijk te juichen. En wellicht straks ook nog een medaille in ontvangst te nemen.

Ik vond het bijzonder. En bijzonder vreemd. En even vroeg ik mij af of dit nu hún appelsapmoment was.


Perzische rijst met cranberry's



Dit recept is geïnspireerd op een recept uit Little Spice Jar. Het is echt een heerlijk recept ondanks dat er fruit in zit (hoe is het mogelijk?).
Gebruik wel goede kwaliteit rijst. In de algemeenheid geldt: hoe duurder de rijst, hoe beter de kwaliteit. O ja: denk er aan dat je de rijst even moet weken van te voren. Dit mag ook een hele avond. Hierná is het gerecht zo klaar.

Wat dit met het verhaal hierboven te maken heeft? Nou. In Korea eten ze ook graag rijst. 

Wat heb je nodig voor 4-5 personen?


  • 250 gram basmatirijst
  • 100 gram gedroogde cranberry's (die van Albert Heijn zijn gezoet met ananassap, dat is voor dit recept niet erg)
  • 2 witte uien
  • 1 tl. kurkuma
  • 1 tl. sumak
  • 50 gram amandelsnippers of cashewnootjes
  • wat zout
  • wat wijnazijn
  • 0,05 gram saffraan


Hoe maak je het klaar?

  1. Spoel de basmati goed af onder de kraan. Laat de rijst vervolgens een half uur tot een uur in koud water staan.
  2. Breng water aan de kook. Voeg een lepel azijn toe en wat zout. Kook de rijst circa 6 minuten. Giet af en spoel na met koud water.
  3. Week de saffraan in circa 2 el. water. 
  4. Snijd de uien in ringen en bak deze in een hoge koekenpan op laag vuur tot ze zacht zijn. Voeg dan de cranberry's, sumak en kurkuma toe. Bak dit even mee. Giet er een klein beetje water bij. Wacht tot het vocht is opgenomen door de cranberry's en schep alles in een bakje. 

  5. Bak de nootjes goudbruin in een koekenpan. Schep in een bakje.
  6. Doe wat boter of olie in de koekenpan, schep hier de rijst op, dan het uien-cranberry-mengsel, daarna de nootjes en eindig met het water en de saffraan.
  7. Nu komt er iets spannends. Pak het deksel van de pan in met een theedoek. Zet de deksel op de pan, zet het vuur aan, en laat de rijst nog vijf minuten stomen. 

  8. Schep alles goed door en serveer!


Ik serveerde de rijst met gestoofde kip met allerlei specerijen (waaronder gedroogde limoen en nootmuskaat) en verse kruiden. Daarnaast had ik een frisse salade met bonen, radijs, za'atardressing. Ik zal deze recepten snel met jullie delen!



vrijdag 9 februari 2018

Elders eten, en bananenpannenkoekjes (met gember en advocaat)

Niet voor kinderen.


Eens in de zoveel tijd deel ik met jullie mijn lievelingsproducten. Maar vandaag deel ik met jullie enkele fijne (delicatesse)winkels en (afhaal)restaurants. Je bent gewaarschuwd: er is weinig objectiefs aan deze lijst. Het zijn mijn persoonlijke favorieten, en de meeste vind je in Utrecht Oost.



Dit is zo'n fijne delicatessenzaak: ze hebben er van alles. Chocolade, wijnen, worsten, kazen, brood, vleeswaren, slakjes, bijzondere bouillons, gastronomisch zeesap (daar hebben we het nog wel een keertje over), avocado-olie, patés.... you name it. 
Ik ga er graag in het weekeind heen. Dan koop ik hier lekkere borrelhapjes (zoals de balle de saveur. Een gehaktbrood geïmporteerd vanuit Maastricht), wat dips en smeersels, vleeswaren (zoals pastrami) en heerlijke kaasjes (zoals La Tur of Epoisse). Genieten!




Mocht je ooit in de buurt van Baambrugge komen, ga dan vooral naar deze boerderij. Je vindt hier namelijk een geweldige marché: een prachtige winkel met een kaaskamer waar elke kaasliefhebber helemaal gek van zal worden, een groente-afdeling met de meest gave en bijzondere groentes, en een vleesafdeling waar het vlees voor je neus wordt gesneden. Het is echt een geweldige (tikkie dure) zaak, die ook een webshop heeft. Je hoeft dus niet pad als je dat niet wilt. Afgelopen winter heb ik bij de Lindenhoff wild besteld en hier mijn hele vriezer mee volgegooid. Top kwaliteit waar ik nog steeds van geniet. 



Ook bij het Vlaamsch Broodhuijs vind je een webwinkel. En als ik jou was zou ik hier gebruik van maken! De variatie in de webshop is helaas niet zo groot als in de winkel zelf, maar de Christoph Pavé kun je wel bestellen, en juist die vind ik zo geweldig lekker. Het is een vierkant tarwebrood met desem, en zoutsnippers op de korst. Als je het brood vers koopt, is de korst heerlijk knapperig en het brood zelf zacht en wat vochtig. Het brood verouderd relatief snel, maar dat is niet erg. Zelden heb ik zulke lekkere toast gegeten. 
Overigens gooi ik het brood ook in de vriezer, en neem ik als het even kan elke dag enkele boterhammen mee naar mijn werk. Dan is het elke dag vers.




Dit is mijn favoriete viszaak in Utrecht: zeker als het om haring gaat! Want hier kun je echt de lekkerste haringen kopen. Elke keer is het raak: zacht, schoon, fris.... De uitjes en het zuur heb je echt niet nodig. Maar het zuur dat zij bij de haring doen, is ook al zo lekker. Ik vraag die er toch altijd bij en eet ze lekker apart op. 

Ik heb wel eens gevraagd hoe het komt dat zij nooit hoog eindigen in de AD-haringtest en toen vertelde de zoon van de eigenaar dat zij gewoonweg niet meedoen. Omdat zij twijfelden of de wedstrijd wel zo eerlijk verloopt. Niet veel later bleek inderdaad dat er wellicht wat wordt gesjoemeld met de haringtest. Maar ach, who cares: ik had al lang door waar ik moest zijn.

Ik kom niet vaak bij Ron, maar dat komt omdat het niet gezond is om elke dag zijn zelfgemaakte boerenpaté te eten. Heerlijk! Met foelie en lekker veel andere specerijen.

Ron heeft ook altijd geitenvlees. En geitenvlees is het vlees dat we eigenlijk allemaal zouden moeten eten, omdat dit een soort van restproduct van de geitenmelkindustrie is. Met zijn allen eten en drinken we enorm veel geitenmelkproducten, maar het vlees laten we staan. En dat is zonde. Binnenkort zal ik eens een geitenstoofpotje met jullie delen. Dan weten jullie ook hoe je het klaar moet maken.



Van dit restaurant word ik blij. Het ligt op een hele vreemde plek in de stad (aan de Oostkant, bij de Biltstraat) en is gevestigd in een oude hondenstal van de faculteit Diergeneeskunde. Je moet het restaurant kennen om het te vinden. 
De uitstraling van dit restaurant is echt top. Als je in de winter langsloopt, brandt er vaak een haardvuur buiten (op de foto hieronder helaas nét niet), liggen er (nep)dierenvellen op houten bankjes, en branden er overal lichtjes. Goesting is een winnaar als het gaat om uitstraling!
Ook de menukaart is leuk: denk aan zaken als bouillabaisse, steak tartare en andere Franse klassiekers. Ik word ook blij van Goesting omdat je hier goed kunt lunchen. Met huisgerookte wilde zalm of zelfgemaakte garnalenkroketten bijvoorbeeld.





Als ik in het centrum van de stad ben en het is lunchtijd, stap ik graag eventjes binnen bij Bigoli. Dit is een verrukkelijke Italiaanse delicatessenzaak vol spullen die ik zelf het hele jaar door ook uit Italië meesleep. Dus daarvoor hoef ik hier niet echt te zijn. Ik ga juist voor hun heerlijke verse broodjes. Mijn favoriet is de ciabatta met pecorino en gegrilde groentes.  


We zijn aanbeland bij een guilty pleasure. De hamburger. Gek hè, dat ik hier zo gek op ben? Soms als ik op een vrijdagavond moe uit mijn werk kom, wil ik wel eens via thuisbezorgd een koerier bestellen met een "ambachtelijke" hamburger. En zoals een goed Hamburger (en foodblogger) betaamt, heb ik hier een vergelijkend warenonderzoek van gemaakt. So far komen de hamburgers van de Burgerbar als beste uit de bus. Bestel vooral de burger met gegrilde kippendijen, bacon, uien en blauwe kaas. 


Een andere guilty pleasure is de poké bowl. Ik heb inmiddels meerdere poké zaken uitgeprobeerd (in Utrecht schoten ze ineens als paddenstoelen uit de grond), en deze is "by far" het beste. Wat is een poké bowl? Ik heb daar wel eens eerder over geschreven: dit is eigenlijk een soort van salade op basis van sushi rijst, met allerlei groentes en gemarineerde vis. Mijn persoonlijke favoriet is met zalm, edamame (sojaboontjes), zeewier, Japanse rettich, en avocado. En gebakken knoflook natuurlijk. 

Tenslotte word ik ook erg blij van de hummus van Julia die gelukkig ook thuis bezorgd wordt. Julia vond haar inspiratie voor hummus in Israël en deze is werkelijk boterzacht. Ik heb zelf het idee dat er relatief weinig tahin (sesampasta) wordt gebruikt. Soms als ik thuiswerk, bestel ik hier mijn lunch. Niet te vaak, want de hummus valt behoorlijk zwaar. Ik raad je daarom aan om die met aubergines te bestellen. Die is wat lichter dan die met kip of stoofvlees. Zorg er trouwens ook voor dat je de zhug niet mist! Deze heerlijke peperdip is echt een aanrader en krijg je automatisch bij je bestelling. Ik durf het bijna niet te zeggen: maar hij is misschien zelfs lekkerder dan de mijne... 



Bananenpannenkoekjes met gember en advocaatijs


Nu we toch zijn aanbeland bij mijn guilty pleasures, kunnen we net zo goed doorgaan. Wat dacht je van deze pannenkoekjes van banaan? Met gember en advocaatijs? Lijkt me prima toch? Houd er wel rekening mee dat je het ijs een dag van te voren maakt. Maar dat stelt niets voor hoor: je gooit een fles advocaat leeg in een tupperware en zet dit 1 nacht in de vriezer. 



Wat heb je nodig voor ca. 6 kleine pannenkoekjes?


  • 2 eieren
  • 1 rijpe banaan
  • 1 zakje vanillesuiker (8 gram)
  • 4 bolletjes ingemaakte gember
  • 3 el. blauwe bessen
  • Wat gembernat
  • 3 dl advocaat (uit de vriezer)

Hoe maak je het klaar?

  • Mix de banaan met de eieren, vanillesuiker en 2 balletjes gember tot een luchtig beslag. 

  • Schenk kleine hoeveelheden in een koekenpan met wat olie, en bak de pannenkoekjes goudbruin. Let op: houd de pannenkoek klein! Ze zijn heel breekbaar. Wees dus ook voorzichtig met het omfloepen in de pan. 

  • Schep een klein bolletje advocaatijs op de warme pannenkoek. 
    Wacht niet te lang met serveren
  • Schenk wat gembernat over de pannenkoek, garneer met de blauwe bessen, en de 2 resterende gemberballetjes (die je heel fijn hebt gesneden). 

vrijdag 2 februari 2018

De alternatieve bucket list en rolletjes van Palmkool en pompoen



Onlangs stuurde ik een onschuldige tweet de wereld in. Ik had een nieuwe agenda gekocht, en trof achterin in plaats van een bucket list, een fuck-it list aan. Het idee? Niet opschrijven wat je allemaal wilt doen, maar opschrijven wat je vooral niét gaat doen. Ik vond dat grappig en deelde het op Twitter met de #omdenken, omdat dat het merk van mijn nieuwe agenda was.

Ik wist niet wat mij overkwam! Mijn berichtje ging -voor mijn doen- viral. Meer dan 25.000 mensen zagen mijn bericht uiteindelijk in hun tijdlijn! Wat aanzienlijk meer is dan ik ooit voor een van mijn verhaaltjes op mijn blog heb gezien. En wat overigens ook betekende dat ik viral gaan van mijn bucket list kan schrappen. 


Het spreekt ook wel tot de verbeelding: zo'n fuck-it list. En alhoewel de naam anders doet vermoeden, is het ergens een stuk positiever dan de welbekende bucket list. Deze laatste is immers een lijst van alles dat je nog moet doen van jezelf "before you die" (of elke andere zelfopgelegde termijn).


De fuck-it list zie ik meer als een lijst van dingen waar ik me gewoon niet meer druk over wil gaan maken "om lekker te kunnen leven". Een voorzetje hiervoor trof ik overigens ook in mijn agenda: nooit meer diëten, nooit een berg beklimmen, geen wereldreis maken... 


Het inspireerde me wel! Kijk, een berg beklimmen zou ik toch nooit doen, en een wereldreis met mijn latent aanwezige vliegangst vind ik toch ook geen echte optie. Deze dingen op mijn lijstje zetten, zet dus niet echt zoden aan de dijk. 


Maar wat als ik het nou echt van toepassing maak op mijn persoonlijke situatie? Op microniveau?

1. Ik ga me niet meer druk maken over dingen die ik toch niet kan veranderen. Als ik te veel geld heb uitgegeven bij een delicatessenzaak dan kan ik het toch niet meer terugdraaien. Zeker niet als ik het al heb opgegeten. 


2. Ik ga niet meedoen met Ik-Pas (sorry vriendinnetje R.). Maar ik probeer ook al wat vaker vegetarisch en soms zelfs veganistisch te eten, en dan moet ik mezelf soms echt even troosten met een glaasje wijn. (Bovendien schrijf ik binnenkort mijn blog over de wijnhandel van mijn zwager en dat wordt dan wel heel lastig).


3. Als ik iets bijzonders (een exclusieve paté, een bijzondere worst) koop, hoef ik niet meer te wachten tot het "perfecte" moment. Dit moment komt namelijk toch nooit. Kan ik net zo goed gelijk genieten (en dan verpietert het misschien een keertje niet).


4. En tenslotte: ik ga me niet druk maken over het delen van het recept van deze week, ondanks dat ik weet dat dit zeer waarschijnlijk een van de minst populaire recepten van mijn blog gaat worden. Jullie willen namelijk (als ik mijn statistieken moet geloven) liever recepten met alcohol en/of vlees. Bovendien ziet dit recept er werkelijk niet uit. Maar f**k-it! Ik
 deel het gewoon met jullie, inclusief onappetijtelijke foto's. Want het is echt heel lekker. 



Involtini di cavolo nero con zucca (2-3 personen)



  • 600 gram flespompoen
  • 80 gram pancetta
  • 3 tenen knoflook
  • 5 blaadjes salie
  • 200 gram mozzarella
  • 8-10 grote bladeren palmkool
  • 1 tube tomatenconcentraat (niet alles nodig)
  • 1 ei
  • 1 el oregano
  • 3 el. Parmezaanse kaas
  • Peperoncino, zout en peper

Hoe maak je het klaar?

  1. Verwarm de oven voor op 180 graden.
  2. Kook wat water, en blancheer hierin de bladeren van de palmkool. Schep de bladeren eruit en houd het water kokend.
  3. Was de pompoen, snijd doormidden en schep de pitjes er uit. Kook de pompoen met de drie gepelde knoflooktenen gaar in het kokende water. Giet af als de pompoen zacht is. 
  4. Snijd de pancetta en salie fijn, en bak ze samen in een koekenpan totdat de pancetta knapperig is. 

  5. Gebruik een staafmixer om de pompoen fijn te hakken. Schep hier de pancetta doorheen, het ei, de oregano, de Parmezaanse kaas, en breng op smaak met peper, zout en peperoncino.
  6. Snijd de harde nerven van de palmkool voorzichtig van de blaadjes. Let op dat je de bladeren heel houdt. 

  7. Knijp een dun laagje tomatenconcentraat in een ovenschaal.

  8. Schep de pompoen op de bladeren, en rol voorzichtig dicht. Herhaal tot alle bladeren klaar zijn. Leg de rolletjes in de schaal.
  9. Let op elk rolletje een plakje mozzarella en een druppel tomaat. 

  10. Zet 20 minuten in de oven. Draai de oven dan op grill, en grill nog 10 minuten zodat de kaas mooi bruin wordt.
  11. Eet smakelijk! (Echt waar!)